Na een rondje op de ATB zijn er twee dingen die echt moeten; de fiets moet schoon en ik moet schoon. Het laatste is een kwestie van douchen, maar daar wacht ik altijd mee totdat ik de fiets schoon heb. Met reden…

De fiets zet ik in de standaard op het terras achter huis. Ik kijk even naar het frame. Jep, die moet echt gepoetst worden, de modderspetters zitten niet alleen op de onderbuis van het frame, maar ook op het stuur en op de wielen. Goed, de tuinslang aansluiten en het poetsen kan beginnen.

Nu ben ik na een stevig potje fietsen over het algemeen best wel wat bezweet en dus redelijk nat. Maar met een goed thermoshirt onder de fietskleding heb je daar niet zo veel last van. Ik word dan niet zo snel koud en kan nog wel even fietspoetsen.

De ATB moet met enig geweld aangepakt worden, dus de tuinslang erop en alle buizen en hoekjes van goed schoonspuiten en met een zachte borstel poetsen. Dit is de gemakkelijkste manier om de fiets – in ieder geval voor het oog – goed schoon te krijgen.

Helaas werkt de natuurkunde mij vaak tegen bij het schoonmaken van de fiets. Ken je ‘m nog? Actie = -Reactie. Of anders uitgelegd. Als je een buis schoon spuit, dan botsen de waterdruppels net zo hard terug. Als je dit onder een hoek doet, dan botsen de druppels onder dezelfde hoek naar de andere kant van de buis. Dan doe je het goed.

Maar nee hoor, ik moest de fiets weer eens van dichtbij schoonspuiten. De vrolijk botsende waterdruppels deden wat de natuurkunde had bewezen en knalden terug van het frame, over mijn fietsbroek heen en zo mijn laarzen in…

Juist ja, was ik alsnog zeiknat. De slang met haar waterdruppels en ik zijn niet de beste maatjes, maar de fiets was weer schoon!