Een gure wind waait vanuit het zuidwesten. De regen komt naar beneden, in het begin licht, later hard. De temperatuur blijft boven het vriespunt, maar daar is alles mee gezegd, de gevoelstemperatuur zit er met de gure wind en koude regen zeker een eindje onder.

Het noordoost Friese landschap; de omgeving is kaal, beschutting is maar nauwelijks te vinden. Overgeleverd zijn ze aan de wind, de regen en de kou. Maar ze rijden! Met de racefiets onder de billen trotseren ze de wind en de regen. De kou houden ze van zich af met de warme jassen van de nieuwe tenue.

Wind mee en een lichte helling. Dat is een combinatie die ze goed aan kunnen, het tempo zit er in. Dan met het koppie gebogen de fiets tegen de wind en regen induwen. De wind die inmiddels van een 4 Bft aangehaald is naar een 5 Bft. De regen die van een miezervorm nu met dikke druppen continu uit de lucht komt.

En de kou. De kou die blijft. De kou die maakt dat de renners bij het kortste moment van stilstand afkoelen. Te snel afkoelen. Het is genoeg geweest, tijd om de aftocht te blazen.

Een kilometer of 8 moet terug afgelegd worden naar Dokkum. Waar de warme douche is. En de chocolademelk, cappuccino en koffie. En de heldenverhalen in de kleedkamer … over deze korte, maar toch wel heroïsche buitentraining in de kale vlakten van noordoost Friesland.

We zijn nog maar een maand onderweg, maar deze ploeg maakt me nu al trots. Bikkels zijn het. Geen zeikerds. Bereid hard te werken voor het hoge doel van juni. Ik heb zin in het vervolg!