Afgemat, zo voelde ik me afgelopen zaterdag na de training. We hadden een extensieve duurtraining, maar het extensieve deel is me niet opgevallen. De duurtraining was de afstand en vooral de tijd. We hebben een dikke 80 kilometer gefietst, in iets meer dan 3 uren. De gemiddelde snelheid lag voor ons amateurtjes hoog zo aan het begin van het seizoen; 27 km/uur.

Die hoge gemiddelde snelheid kregen we ook door de tussensprints die we moesten doen. De oefening was: twee tandjes achter erbij en voor naar de grote plaat en dan moesten de voorste twee de groep optrekken naar 40 km/uur. Dan 30 seconden vasthouden en dan voor weer naar de kleine schijf en achter één tandje terug. Dan een tweede sprint, waarvoor het ritueel werd herhaald. En tot slot een derde sprint, die je uiteindelijk achter met 2 tanden meer aantrok dan bij de eerste sprint. Dit hele sprintritueel hebben we vier keer gedaan onderweg.

Ik zat twee keer vooraan bij die laatste sprint in een serie. Wat deden mijn benen pijn! Maar opgeven, ho maar. Ook tussentijds heb ik redelijk wat kopwerk gedaan. Dat was toch niet heel handig, want zo een 15 km voor het einde begon mijn linkerknie pijnlijk te worden. Pas toen besefte ik dat ik echt rustiger aan moest doen… Tjonge, dank je knie, maar net te laat! Toch ben ik goed hersteld. Hoewel ik nog wel eens eigenwijs ben, luister ik steeds beter naar mijn lichaam. Door schade en schande wijs geworden zullen we maar zeggen. 🙂

The post is brought to you by lekhonee v0.7

1 reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *